Dagblog december 2019
25 december 2019:
“Wat vind je er zelf van”, vraag ik mijn huisgenoot Poes.
Ik sta met mijn armen over elkaar geslagen in de deuropening van de slaapkamer. Poes staat in de gang te draaien, haar staart de vorm van een vraagteken. Twee minuten geleden heb ik haar hardhandig op de gang gezet en demonstratief de deur van de slaapkamer dichtgedaan, nadat ik haar op het bed had aangetroffen met mijn boterham tussen haar tanden.
De manier waarop ik tegen haar ben uitgevaren moet een verpletterende indruk gemaakt hebben, vrees ik. Haar zo uitfoeteren doe ik immers zelden.
Poes trekt haar rug op en draait nog een keertje flirterig rond haar as. Ze kijkt over haar schouder naar mijn gezicht. Dan wandelt ze langs me de slaapkamer binnen, snuffelt wat hier, snuffelt wat daar en kijkt omhoog naar het bord op het tafeltje waar ze een ogenblik geleden dat heerlijke hapje heeft aangetroffen.
“Wat ik er zelf van vind?”, zegt Poes. “Ik dacht altijd dat er niets ging boven roomboter, maar een boterhammetje met margarine – wat is het, Becel? – mag er ook wezen. Zo’n speculaasje erop, dat hoeft voor mij dan weer niet. En misschien wil de volgende keer wat minder spektakel maken, zodat ik rustig kan eten?”
17 december:
Durven (het wagen) is even je evenwicht verliezen, niet durven (wagen) is jezelf verliezen.
S. Kierkegaard
30 november 2019:
Lupus est homo homini, non homo, quom qualis sit non novit
(Wanneer hij hem niet kent, is de mens voor zijn medemens geen mens, maar een wolf). Uit Asinaria, Plautus (2e eeuw v C).
'Dat zeg ik.'
'Da's nog eens wat anders dan Thomas Hobbes.'