Dagblog januari 2020
In de tussenruimte, in de binnenkamer... (12 juni 2019. Wat komen we nu weer tegen bij het opruimen?)
13 januari 2020: Et on partent...

11 januari 2020: Een uitstekend nieuwjaar
“Heb je boodschappen gedaan?” vraagt mijn buurman. Ik sta met een grote tas boodschappen, die ik zojuist uit de auto heb getild, op het trapje voor mijn open voordeur.
“Ja, nou en of.”
“Dan blijf je nu zeker weer een week binnen”, zegt hij. Mijn vliegbewegingen worden kennelijk nauwkeurig in kaart gebracht.
“Dat is wel mijn plan, ja.” Ik ga straks weer mijn bed in en daar kom ik vandaag hopelijk niet meer uit.
Buurman loopt door mijn voortuin en tuurt langs mij heen de gang in.
“Zo, het staat wel vol. Pas jij daar zelf nog wel bij?” Net als de woonkamer, staat mijn gang vol met grote schilderijen en opgespannen doeken. Sinds Teake me afgelopen week met zijn volkswagenbus heeft geholpen alles uit mijn atelier te verhuizen wat niet in mijn autootje paste, heb ik hoegenaamd niets meer gedaan. Ja, arnicapillen geslikt en arnicazalf op mijn bil en bovenbeen gesmeerd.
“Het is een beetje proppen, maar het gaat”, zeg ik.
“Verkoop je ook weleens wat van… eh…” Hij gebaart met zijn arm.
“Hm…, soms.”
“En wat je niet verkoopt, dat gooi je weg”, zegt hij.
Heeft hij me misschien met mijn bijl in de weer gezien, in de achtertuin, met die grote passpiegel en nog zowat van die zaken?
“Ehm… of ik geef het cadeau aan iemand.”
Ik zie dat hij wil zeggen dat ik hem dan wel een schilderij cadeau mag doen, maar zich bedenkt. Hij is een rijk man, immers, en geen proleet.
“Weet je dat ik gisteren nieuwe kleren heb gekocht?” zegt hij.
“Wat goed! Heb je wat moois gekocht?”
Ik spreek luid, met overdreven mimiek en voor zover mogelijk handgebaren. Desondanks heb ik de indruk dat slechts een fractie van wat ik zeg zijn dove hoofd binnenkomt.
“Mag jij raden voor hoeveel geld ik kleren heb gekocht.”
“Nou?” vraag ik.
“Zeshonderd euro.” Hij glundert. Zijn blauwe ogen onder de woest grijs-krullende wenkbrauwen vangen het licht, zoals hij naar me opkijkt, daar waar ik op het trapje sta, mijn tas boodschappen als een baby in mijn armen. Mijn buurman zal geen gelegenheid onbenut laten om me te laten weten hoe kapitaalkrachtig hij is.
“Niet dat het mij iets kan schelen wat ik aanheb”, zegt hij, als ik een blik op zijn smoezelige ouwe trui werp, het overhemd met rafels eronder.
“Nee, wat maakt het uit”, zeg ik, welgemeend.
“Mijn nicht zei dat ik altijd hetzelfde aanhad. Ik heb maar één broek, zei ik. Ik kan toch kwalijk op bezoek komen zonder broek aan.”
“Dat lijkt me beter van niet”, beaam ik.
“Dus zijn we naar van Waarhoven gegaan, hier in de stad. Je denkt misschien, zeshonderd euro, wat is dat veel, maar ik heb twee nieuwe broeken, drie overhemden…” Hij tikt af op zijn vingers.
“Een uitstekende manier om het nieuwe jaar in te gaan”, roep ik. Ik heb mijn tas neergezet en zwaai met mijn armen. De zon schijnt. Hij heeft me niet verstaan.
“Dank je wel”, zegt hij. “Jij ook de beste wensen.”
30, 31 december 2019:
Inner temple, outer temple, sanctuary, heart
Blessed solitude
Holy place
Source
Source of Love
Place of Light
Holy presence
Peace that passes all understanding
Joy
Gratitude