5 februari 2024: Meditation on the goodness of my daftness and mushiness
Dat ik geloof en vertrouwen zal hebben in mijn eigen knuffeligheid en knuffelbaarheid, en in de knuffeligheid en knuffelbaarheid van anderen.

11 februari 2024: 
‘Laat je niet overweldigen door de bitterheid die misschien is gekomen omdat je niet was opgewassen tegen de omvang van de pijn die jou werd toevertrouwd.
Wij zijn als de Moeders van de Wereld.
Zij draagt de pijn van de wereld in haar hart.
Ieder van ons is deel van haar hart,
en daarom begiftigd
met een zekere mate van kosmische pijn.’

(Soefietekst)

4 februari 2024: 
Rustig, aandachtig gewerkt aan wild nieuw werk 
(Wohltemperierte Klavier, Bach, voor troost, fris hoofd en goede moed): https://open.spotify.com/track/1AU8s5RMGA6mzHsFn06Iaa?si=1dafc8b55e0f4cdb 

6 februari 2024:
Droomde vannacht dat er een kerel rondliep die, zoals dat heet, vuurwapengevaarlijk was. Deze droom heeft haar wortels in ervaringen die ik begin jaren '90 opdeed in Texas, USA. In die tijd zonden lokale televisiezenders live filmbeelden uit van gewelddadige gebeurtenissen waarbij (vaak) de politie betrokken was. Ik geloof dat in 1990 tussen de 60 en de 80% van de inwoners van het district waar we woonden een vuurwapen in huis had. Het gebeurde nogal eens dat er bij een ruzie iemand een vuurwapen trok. Werd er eenmaal geschoten, dan escaleerde de situatie onherroepelijk, dat kan je je voorstellen. Iemand schoot op iemand en was daarmee onmiddellijk zelf ook potentiële prooi. Vooral als diegene zwart was, dat snap je. Liep er iemand met een ‘shotgun’ de straat op, dan werd de jacht geopend. The ‘killer’ would be hunted down. Een en ander live te volgen op de lokale televisie. Dat droeg bij aan een gevoel van onveiligheid, ik werd er angstig van. In wat voor wereld was ik terechtgekomen?
Vannacht droomde ik dat de ‘community’ waarin ik in Nederland woon, hier, nu, bedreigd werd door een dergelijke vuurwapen dragende figuur. Er liep een onbekende man rond met een ‘shotgun’, klaar om wie hem voor de voeten kwam overhoop te schieten. Waar de man zich precies ophield wist ik niet, maar ik had hem gezien, ik wist dat hij er was, aan de periferie. Op een gegeven moment vroeg ik aan de autoriteiten, degenen die in mijn droom zorg droegen voor de veiligheid, wat ze van plan waren te doen tegen deze vuurwapengevaarlijke figuur. Ik kreeg een verrassend antwoord. Ze wisten dat de man met wapen er was en het plan was poeslief tegen hem te zijn. Ontwapenende vriendelijkheid en zachtheid, teneinde te de-escaleren. Niet om te manipuleren, maar om te de-escaleren. Ik begreep hoezeer alle betrokkenen gedreven werden door angst. De man met het vuurwapen was waarschijnlijk meer in de greep van de angst dan de mensen van deze gemeenschap, die zich goeddeels van geen kwaad bewust waren. De man die het wapen droeg, wist dat hij ‘prooi’ was. Zoals een zwarte man die met een getrokken vuurwapen de straat op ging in Texas, begin jaren '90, wist dat hij een wandelende schietschijf was. Hoe angstig moet dat zijn!
Ik geloof dat deze droom gaat over de tijd waarin we leven en dat de man die rondloopt met getrokken vuurwapen symbool staat voor de angst zelf. Angst loopt over straat, ergens buiten ons gezichtsveld en houdt ons in zijn greep. In mijn droom was de ‘community’ mijn stad, of een deel ervan. De potentiële killer liep daar omheen, aan de periferie, buiten ons gezichtsveld. Mijn stad staat in deze droom voor de samenleving, die de eigen angst buiten zichzelf projecteert, met name op de medemens die men niet persoonlijk kent, degene die anders is, anders denkt dan ik, en daarop reageert met woede en agressie. Woede, agressie en onverdraagzaamheid zijn uitdrukkingsvormen van angst, laten we dat niet vergeten. Zoals de droom laat zien, is de angst zelf banger dan wie dan ook. Het is onze angst zelf die ons bedreigt en onze grootste vijand is.
Wat te doen, teneinde te de-escaleren? De autoriteiten, in mijn droom symbool voor het Hogere Weten, de Wijsheid van het Hart, zeggen dat we onze angst met oprechte liefdevolle vriendelijkheid moeten benaderen, poeslief :-), in plaats van onze woede en agressie te richten op iets of iemand buiten ons. Mededogen hebben met ons eigen angstige ik. Teneinde te de-escaleren.


4 februari 2024: Voor meer vrolijkheid
Vanmiddag met X in het café gezeten in de regen (het café in de regen, wij in het café, de hond onder de tafel). Na twee uur durende, diepgravende analyse van kwestie/situatie/probleem tot slotsom gekomen dat dit (denken, analyseren) is hoe ego illusie schept van houvast (controle), ergo, hoe ‘ik’ dat iets in de melk te brokkelen heeft in dit universum zichzelf bij mekaar fantaseert. Afscheid genomen met voornemen komende maanden veelvuldig bloemetjes buiten te zetten met vrijgezellen (m/v) uit netwerk. M'n fiets terug :-).

2 februari 2024: 
Pema Chödrön: "Spiritual awakening is frequently described as a journey to the top of a mountain. We leave our attachments and our worldliness behind and slowly make our way to the top. At the peak we have transcended all pain. The only problem with this metaphor is that we leave all the others behind: our drunken brother, our schizophrenic sister, our tormented animals and friends. Their suffering continues, unrelieved by our personal escape.
In the process of discovering bodhichitta, the journey goes down, not up. It’s as if the mountain pointed toward the center of the earth instead of reaching into the sky. Instead of transcending the suffering of all creatures, we move toward the turbulence and doubt. We jump into it. We slide into it. We tiptoe into it. We move toward it however we can. We explore the reality and unpredictability of insecurity and pain, and we try not to push it away. If it takes years, if it takes lifetimes, we let it be as it is. At our own pace, without speed or aggression, we move down and down and down. With us move millions of others, our companions in awakening from fear. At the bottom we discover water, the healing water of bodhichitta. Right down there in the thick of things, we discover the love that will not die.”

   


1 februari 2024:
'Having loved enough and lost enough, I am no longer searching, just opening. No longer trying to make sense of pain, but trying to be a soft and sturdy home in which real things can land. These are the irritations that rub into a pearl. So we can talk for a while, but then we must listen, the way rocks listen to the sea. And yes, on nights like tonight I too feel alone, but seldom do I face it squarely enough to see that it is a door into the endless breath that has no breather, into the surf that human shells call God.' 
Mark Nepo